arid
Een jaar na de eerste repetitie staat Arid al in de finale van Humo’s Rock Rally 1996. Het is het gouden jaar van Novastar, An Pierlé en Tom Helsen. De jury is erg lovend over de engelenstem van Jasper Steverlinc.
‘Life’, ‘Believer’ en ‘Too Late Too Night’ worden nationale meezingers en de groep staat in 1999 en 2000 op alle belangrijke festivals van de Lage Landen. Typerend: in 1999 opent Arid de Pyramid Marquee op Rock Werchter, een jaar later is het headliner op dezelfde plek. De groep krijgt brede weerklank. Het debuutalbum wordt in 2000 -onder de nieuwe titel ‘At The Close Of Everyday’ - uitgebracht in de Verenigde Staten. Het Amerikaanse platencontract wordt gevolgd door een Europese tournee in het voorprogramma van Counting Crows en een rol voor Jasper Steverlinck in de 3D-prent ‘Haunted Castle’.
Na een uitgebreide theatertournee wordt in 2003 gezamenlijk beslist om Arid een rustpauze te gunnen en voorrang te geven aan persoonlijke projecten. De aanwezigheid van ‘Life On Mars’ stuwt het solodebuut ‘Songs Of Innocence’ (2004) van Jasper Steverlinck naar grote hoogten. Het album staat 5 weken op # 1 in de Ultratop, Jasper staat in 2004 op TW Classic. De comeback verloopt rimpelloos. Lang voor de eerste single uit ‘Under The Cold Street Lights’ (2010) op de radio is geweest, heeft de groep al twee keer de AB uitverkocht. Ook het zuiden van het land gaat helemaal voor de bijl. Wat maakt dat Arid zich met recht en reden een grote Belgische groep mag noemen. Terecht de headlinder van GELEEN CALLING 2010.

arid
geleencalling 2010